Exoten vestigen zich op de tweede strekdam bij Gorishoek – Tholen.

Galathea squamifera Leach, 1815 (foto Hans Post)

Galathea squamifera Leach, 1815 (foto Hans Post)

Hans Post en ik arriveren op zondagmorgen 2 februari 2014 omstreeks half elf bij de parkeerplaats achter het restaurant “de Zeester” aan de Gorishoeksedijk op het eiland Tholen. In de auto staat de thermometer op  4,5° Celsius, maar de lucht is strakblauw met een fel winterzonnetje. Als uitstappen blijkt er een harde wind uit het zuidwesten te staan, minstens 5 Bft., die de gevoelstemperatuur reduceert tot rond het vriespunt. Het is extreem laagwater, lager dan we ooit hebben waargenomen bij Gorishoek en het tij zal nog dalen, om 11:15 uur hebben een verlaging van -172 cm!

Hans Post laat zien, waar de normale waterstand uitkomt (let op algengroei op de staak)

Hans Post laat zien, waar de normale waterstand uitkomt (let op algengroei op de staak)

Het moet flink tekeer zijn gegaan de laatste weken, want er zijn heel wat planken losgeslagen van de steiger bij de parkeerplaats en schelpen zijn opgestuwd tot bovenaan de dijk. We lopen direct door naar de tweede strekdam, onderweg zien we talloze wulken Buccinum undatum Linnaeus, 1758 (allemaal kapot) en volwassen doubletten van de Filippijnse tapijtschelp Venerupis philippinarum (Adams en Reeve, 1850), te midden van miljoenen oesterkleppen (zowel C. gigas als O. edulis). Aangekomen bij de tweede strekdam blijkt deze geheel droog te liggen, op het eind zien we veen tussen de stenen, die zijn begroeid met roodwieren, suikerwier Saccharina latissima (Linnaeus) Lamouroux, 1813, Japans bessenwier Sargassum muticum Fensholt, 1955 en sponzen.  De Japanse Stekelhoorn of Japanese oyster drill Ocinebrellus inornatus (Récluz, 1851) zien we volop, niet alleen juvenielen, zoals de vorige keer, maar ook volwassen exemplaren.

Ocinebrellus inornatus (Récluz, 1851) op tweede strekdam (foto Hans Post)

Ocinebrellus inornatus (Récluz, 1851) op tweede strekdam (foto Hans Post)

De Amerikaanse stekelhoorn of Atlantic oyster drill, Urosalpinx cinerea (Say, 1823) is wat minder algemeen, maar toch alom tegenwoordig, dat geldt ook voor de autochtone purperslakken, Nucella lapillus (Linnaeus, 1758). We vinden dit keer niet zoveel eieren, wel een kersvers eikapsel van de Wulk Buccinum undatum Linnaeus, 1758. Onder de stenen wemelt het van de harige porceleinkrabbetjes Porcellana platycheles (Pennant, 1777).

Ook de stekelhuidigen zijn ruim vertegenwoordigd. Onder vrijwel elke steen juveniele gewone zeester, Asterias rubens Linnaeus, 1758 en dit maal ook vele Brokkelsterren Ophiothrix fragilis Abildgaard in O.F. Müller, 1789, mogelijk ook een tweede soort. Een impressie van het “stenenkeren” is te zien via deze link; de geluidskwaliteit laat te wensen over door de straffe wind.

We gaan terug naar de eerste strekdam, ook hier de bekende exoten. Hans’ oog valt op de vele schaalhorens, Patella vulgata Linnaeus 1758, hij telt er vijftig op een vierkante meter, ook de kleinste stenen hebben hun Patella. Op het vlak voor de uitstroom van de oude oesterput bij de eerste strekdam, draait Frans een steen om en bingo! Twee galathea’s.

Galathea squamifera, de opropkreeft.

Galathea squamifera, de opropkreeft.

Het is dezelfde soort als in maart 2013: de Zwarte galathea of oprolkreeft, Galathea squamifera Leach, 1815, prachtige beestjes! Dit zijn gelijk ook de twee enige die we zien, al keren we nog menige steen.

Op de schelpenbanken tussen de eerste en de tweede strekdam, kunnen we door het extreem lage water, verder komen dan anders en dat levert in korte tijd zeven doubletten van Amerikaanse venusschelp Mercenaria mercenaria (Linnaeus, 1758) op. Bij thuiskomst blijken er zes een dier te bevatten.

Mercenaria's blijken bij het schoonmaken de dieren te bevatten.

Mercenaria’s blijken bij het schoonmaken de dieren te bevatten.

Nog twee bijzondere vondsten zijn een klep van de Artemisschelp Dosinia exoleta (Linnaeus,1758) en een klep van de Stevige platschep Arcopagia crassa (Pennant, 1777), die hebben we nog niet eerder aangetroffen.

V.l.n.r.: doublet Venus verrucosa; Dosinia exoleta en Arcopagia crassa

V.l.n.r.: doublet Venus verrucosa; Dosinia exoleta en Arcopagia crassa

Als uitsmijter nog een mooi vers doublet van de Wrattige venusschelp Venus verrucosa Linnaeus, 1758. Op de terugweg naar de parkeerplaats zien weer ingegraven, dode doubletten van de strandgaper Arenomya arenaria (Linnaeus, 1758) en veel verse Platte slijkgapers Scrobicularia plana (Da Costa, 1778). Hans raapt nog een mooi monster verse Asgrauwe tolhorens Gibbula cineraria (Linnaeus, 1758) op tegen de dijk.

Restaurant “De Zeester” vergast ons ditmaal op een rijk gevulde vissoep met stokbrood en smeersels, vergezeld van een Westmalle tripel, om de dag te completeren.

Rijk gevulde vissoep bij "De Zeester".

Rijk gevulde vissoep bij “De Zeester”.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Good food, Marine biology, Mollusca, Natural history, Travel en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s